icon-hamburger-5 icon-close-2

Witte rook voor de sportsector – nieuwe vergoedingsregeling voor vrijwilligers

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
sportsector

In een vorig artikel op onze website werd uiteengezet dat op 23 april 2020 het Grondwettelijk Hof de wet op het verenigingswerk vernietigde, waardoor onbelast bijverdienen niet langer mogelijk bleek vanaf 1 januari 2021. Vooral de sportsector was hier de dupe van.

Op 24 december 2020 werd er op de valreep een nieuwe wet betreffende het verenigingswerk goedgekeurd, die op 31 december 2020 werd gepubliceerd.

De kritiek van het Grondwettelijk Hof was vooral gericht op de vergoeding die de verenigingswerker ontving en op de sociale en fiscale behandeling van deze vergoeding. Het stelsel van verenigingswerk dat tot 31 december 2020 van kracht was, voorzag namelijk dat deze vergoeding, onder bepaalde voorwaarden, vrijgesteld was van sociale zekerheidsbijdragen en bedrijfsvoorheffing.

De nieuwe wet biedt een oplossing, maar vast staat dat het bijverdienen voortaan niet meer “onbelast” zal zijn.

Overeenkomst

Uiterlijk op het ogenblik van de effectieve aanvang van het verenigingswerk sluiten de verenigingswerker en de organisatie of vereniging een schriftelijke overeenkomst. Een modelovereenkomst kan in een – nog te publiceren – KB worden teruggevonden.

De overeenkomst moet uitdrukkelijk de duur (maximum 1 jaar) vermelden.

Partijen dienen eveneens een vast of variabel werkrooster overeen te komen. Het variabel verenigingswerkrooster wordt ten minste vijf kalenderdagen vóór iedere prestatie schriftelijk meegedeeld aan de verenigingswerker.

Vergoeding

Partijen zijn vrij om de hoogte van de vergoeding vast te stellen, maar deze vergoeding mag niet hoger zijn dan 532,50 EUR per maand, noch hoger dan 6390,00 EUR (2021) per jaar. Dit bedrag dekt zowel de vergoeding voor de verrichte prestaties als de onkosten- of reiskostenvergoeding.

De nieuwe wet biedt een oplossing, maar vast staat dat het bijverdienen voortaan niet meer “onbelast” zal zijn.

De nieuwe wet voorziet ook de volgende bepalingen:

  • de organisatie moet een solidariteitsbijdrage van 10% op de vergoeding betalen,
  • de verenigingswerker moet een belasting van 10% op de vergoeding betalen.

Vast staat dat de nieuwe (financiële) regeling minder gunstig is voor sportclubs én diens medewerkers, dan diegene die bestond tot 31 december 2020.

Belangrijk om te weten is dat de wet op het vrijwilligerswerk blijft bestaan, ook naast de hierboven besproken wetgeving.

Daarom adviseren wij sportclubs om per verenigingswerker na te gaan wat voor hem/haar de meest voordelige situatie is.

Indien u meer informatie wenst over hoe uw medewerkers van uw sportclub optimaal te vergoeden, aarzel niet om contact op te nemen met onze expert Thomas Stevens.

Gerelateerd

Thuiswerk een blijver? Laat uw arbeidsovereenkomsten aanpassen!

We schreven er al over in een eerder artikel: thuiswerk wordt/is een blijver. Meer en meer werkgevers hebben het afgelopen jaar de voordelen van dit…

Niet-concurrentiebedingen in de IT-sector

In de IT-sector zijn veel professionele tussenpersonen actief, die IT’ers ter beschikking stellen aan ondernemingen. Goede IT-profielen zijn echter schaars. Net daarom wordt in de…

Thuiswerk contractueel voorzien? Enkele valkuilen en tips.

Enkele headliners van de afgelopen dagen: “Corona: werkgever kan thuiswerk verplichten” “Wanneer thuiswerk de norm wordt” “Thuiswerk wordt aangemoedigd” Meer thuiswerk. Dat is een van…