icon-hamburger-5 icon-close-2

Niet-concurrentiebedingen in de IT-sector

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
IT codering

In de IT-sector zijn veel professionele tussenpersonen actief, die IT’ers ter beschikking stellen aan ondernemingen. Goede IT-profielen zijn echter schaars. Net daarom wordt in de IT-sector frequent gebruik gemaakt van niet-concurrentiebedingen.

Vraag is evenwel of deze clausules geldig zijn, gezien ze voor de IT’er een beperking van zijn recht op arbeid kunnen zijn of de vrijheid van ondernemen kunnen beknotten. De vraag of een clausule al dan niet geldig is, zal afhangen van de hoedanigheid van de IT’er en de concrete bewoordingen van het beding. De concurrentieclausules van werknemers en handelsagenten zijn wettelijk geregeld.

Werknemers

Artikel 65 van de arbeidsovereenkomstenwet bepaalt wat een niet-concurrentiebeding is en wat de bestaans- en geldigheidsvoorwaarden ervan zijn.

Definitie

Een niet-concurrentiebeding wordt omschreven als een beding waarbij de werknemer de verbintenis aangaat bij zijn vertrek uit de onderneming geen soortgelijke activiteiten uit te oefenen hetzij door zelf een onderneming uit te baten, hetzij door in dienst te treden bij een concurrerende werkgever, waardoor hij de mogelijkheid heeft de onderneming die hij heeft verlaten, nadeel te berokkenen door kennis die eigen is aan die onderneming en die hij op industrieel of op handelsgebied in die onderneming heeft verworven, voor zichzelf of ten voordele van een concurrerende onderneming aan te wenden.

Geldigheidsvoorwaarden

De geldigheid van het niet-concurrentiebeding is onderworpen aan volgende voorwaarden:– het moet betrekking hebben op soortgelijke activiteiten;

– het moet geografisch worden beperkt tot de plaatsen waar de werknemer de werkgever werkelijk concurrentie kan aandoen;
– het mag niet langer lopen dan 12 maanden vanaf de dag waarop de dienstbetrekking een einde heeft genomen;
– het moet voorzien in de betaling van een enige en forfaitaire compensatoire vergoeding door de werkgever.
Het concurrentiebeding heeft evenmin uitwerking wanneer aan de overeenkomst een einde wordt gesteld ofwel gedurende de eerste zes maanden vanaf de aanvang van de overeenkomst ofwel na deze periode door de werkgever zonder dringende reden of door de werknemer om een dringende reden.

Handelsagenten

Artikel X.22 van het Wetboek Economisch Recht bepaalt de geldigheidsvoorwaarden van de niet-concurrentieclausule voor een handelsagent. Zo is een concurrentiebeding enkel geldig wanneer:

– het schriftelijk werd bedongen;
– het betrekking heeft op het soort zaken waarmee de handelsagent belast was;
– het beperkt blijft tot het geografisch gebied of de groep personen en het geografisch gebied die aan de handelsagent waren toevertrouwd;
– het niet verder reikt dan zes maanden na de beëindiging van de overeenkomst.

Bovendien heeft het concurrentiebeding geen uitwerking wanneer de handelsagentuurovereenkomst wordt beëindigd door de principaal zonder dringende reden of door de handelsagent met een dringende reden.

Indien het concurrentiebeding niet voldoet aan één van de geldigheidsvoorwaarden, kan de werknemer of de handelsagent de nietigheid van het beding inroepen.

Overige situaties

In de andere gevallen is het concurrentiebeding niet wettelijk geregeld en kunnen partijen de clausule in beginsel naar goeddunken invullen. In beginsel, want de vrijheid van ondernemen verzet zich tegen een ongeoorloofde beperking van die vrijheid. Een beding dat een onredelijke beperking van de concurrentie oplegt naar voorwerp, territorium of duur, kan nietig verklaard worden. Het hof van cassatie besliste enkele jaren geleden reeds dat de rechter ook de mogelijkheid heeft om het niet-concurrentiebeding te matigen.

Sinds 1 december 2020 (inwerkingtreding nieuwe B2B-wetgeving) kan de rechter ook nagaan of een niet-concurrentiebeding niet onrechtmatig is omdat er een kennelijk onevenwicht in de prestaties tussen de partijen is. Zo zal de rechter een dergelijk beding kunnen vernietigen indien bijvoorbeeld de forfaitair voorziene schadevergoeding ingeval van inbreuk op het beding kennelijk niet evenredig is aan het nadeel dat door de onderneming kan worden geleden.

De geldigheid van een niet-concurrentiebeding is dan ook vaak een feitenkwestie die geval per geval dient beoordeeld te worden in functie van de concrete omstandigheden van de zaak. Een nauwkeurige redactie ervan is dus van groot belang.

Gerelateerd

Thuiswerk een blijver? Laat uw arbeidsovereenkomsten aanpassen!

We schreven er al over in een eerder artikel: thuiswerk wordt/is een blijver. Meer en meer werkgevers hebben het afgelopen jaar de voordelen van dit…

Gegokt en verloren : BET365 verliest haar merk

De Engelse vennootschap Bet365 Group Ltd begon een inbreukprocedure op grond van haar Uniemerk “bet365” tegen het gebruik van het teken ‘bet333’ door twee Belgische…

Slachtoffers phishing: verlies in de regel beperkt tot 50 euro

Alsmaar meer mensen worden het slachtoffer van internetfraude of phishing. De fraude treft lang niet meer alleen opa en oma maar ook jongeren voor wie…